|
Whiplash
- FBTO bood € 74.873,00.
- FBTO betaalde € 196.151,00.
Cliënte (geboren 13 november 1957) was betrokken bij een kop-staartbotsing.
Letsel: whiplashtrauma; daarnaast was sprake van verwerkingsproblematiek.
Over de hoogte van het smartengeld bleek in de onderhandelingen met de verzekeraar al heel snel overeenstemming te bestaan. Datzelfde gold voor de kosten die gemaakt moesten gaan worden voor de toekomstige huishoudelijke hulp. De cliënte was meewerkend echtgenote in de winkel van haar man. Door het ongeval verloor zij haar inkomen. Ook in dit dossier bleek, dat aanvankelijk verschillend kan worden gedacht over de vraag hoe dat verlies aan inkomen dient te worden gewaardeerd.
Letsel.nl presenteerde op een creatieve manier alternatieve scenario’s aan FBTO. Berekeningen van het Nederlands Rekencentrum Letselschade (NRL) ondersteunden die scenario’s. FBTO verhoogde tijdens de onderhandelingen op basis van de aangeleverde informatie haar schikkingaanbod naar € 196.151,00.
Whiplash (2)
- Nationale Nederlanden bood € 75.000,00.
- Nationale Nederlanden betaalde € 185.101,29.
De cliënte (geboren 8 januari 1971) was betrokken bij een kop-staartbotsing.
Letsel: whiplashtrauma.
De verzekeraar adviseerde de cliënte een onderzoek te laten uitvoeren bij het zogenoemde Rug Advies Centrum (RAC). In de loop der jaren mocht Letsel.nl al veel rapporten van het RAC inzien. Daarbij was opgevallen, dat het RAC vaak de conclusie trok dat klachten van cliënten ‘tussen de oren zaten’. Zo ook bij deze mevrouw.
Letsel.nl stelde voor de visie van het RAC te laten toetsen door een bekende Amsterdamse professor. Dat voorstel gaf Nationale Nederlanden aanleiding een aanbod te doen van € 75.000,00. Letsel.nl was niet zo tevreden met dat bedrag. De cliënte had door het ongeval haar werkzaamheden bij de Amsterdamse stadsdeelraad moeten staken. Dat verlies aan verdienvermogen was in het aanbod inbegrepen. De cliënte drong aan op het medisch onderzoek.
Daaruit bleek, dat het RAC inderdaad de juiste conclusie had getrokken: de klachten van de cliënte zaten letterlijk ‘tussen de oren’. Het RAC meende, dat de klachten met training konden worden verholpen. De Amsterdamse professor gaf in zijn deskundig oordeel aan, dat de klachten van blijvende aard zouden zijn. Dit standpunt gaf Nationale Nederlanden aanleiding tijdens onderhandelingen deze zaak te schikken voor € 185.101.29.
Verkeersongeval
- AXA bood € 11.134,45.
- AXA betaalde € 36.134,45.
De cliënt (geboren 2 augustus 1965) was betrokken bij een vervelend verkeersongeval.
Letsel: een op twee plaatsen gebroken scheenbeen, gebroken sleutelbeen, gebroken rib en diverse kneuzingen.
De cliënt werd door het ongeval arbeidsongeschikt voor zijn beroep van dakdekker. Hij wist zich succesvol om te scholen tot calculator. Zijn inkomen bleef daardoor gelijk.
De uitkomst van het orthopedisch onderzoek leverde volgens AXA geen bijzonderheden op. De verzekeraar waardeerde de schade daarom op € 11.134,45. AXA zond gemakshalve met zijn aanbod ook de overeenkomst tot afsluiting van de zaak mee.
Maar de medische adviseur van Letsel.nl constateerde, dat de orthopeed uitsluitend het beroep van calculator had beoordeeld. Voor dit beroep waren uiteraard geen beperkingen, maar wel voor zijn oorspronkelijke beroep van dakdekker. In zijn vrije tijd kluste deze cliënt regelmatig bij particulieren. Deze ‘zwarte inkomsten’ waren sinds het ongeval voor hem weggevallen. AXA gaf tijdens de onderhandelingen toe deze schadepost niet te hebben onderkend. De verzekeraar wilde deze schadepost uiteindelijk waarderen op € 25.000,00. Voor het bedrag van € 36.134,45 werd een nieuwe vaststellingsovereenkomst opgemaakt.
Zwaar verkeersongeval
- Interpolis bood € 79.411,54.
- Interpolis betaalde € 168.636,15.
De cliënt (geboren 12 december 1957) was als vrachtwagenchauffeur betrokken bij een zwaar verkeersongeval.
Letsel: contusie (kneuzing) van de rechterknie, linker pols, linker schouder en een whiplash.
Interpolis bleek in onderhandelingen bereid een bedrag aan te bieden van € 79.411,54. De verzekeraar was volgens de advocaat van de cliënt niet bereid pensioenschade en de fiscale component Vermeend te vergoeden. De gemiste overuren wilde Interpolis slechts vergoeden tot een bedrag van € 7,00 per uur, terwijl de CAO-vergoeding op € 9,50 per uur was vastgesteld.
De cliënt volgde het advies op om de behandeling van deze schadezaak verder in handen te geven van Letsel.nl. Wij erkenden, dat het standpunt van Interpolis ‘glashelder’ was. Maar we deelden de opvatting van de verzekeraar niet.
Letsel.nl stelde een reïntegratie in het arbeidsproces voor. Interpolis nam het voorstel van Letsel.nl over. Maar omdat terugkeer in het arbeidsproces niet meer mogelijk bleek, heeft Interpolis haar activiteiten tot reïntegratie in overleg moeten staken.
Letsel.nl startte nieuwe onderhandelingen met Interpolis en presenteerde de verzekeraar een andere berekening. Deze was gebaseerd op het verlies aan verdienvermogen, pensioenschade, gemiste overuren op basis van € 9,50 per uur en de fiscale component. Interpolis en Letsel.nl troffen een schikking voor € 168.636,15.
Scooterongeval
- Centraal Beheer bood € 2.000,00.
- Centraal Beheer betaalde € 35.000,00.
De cliënte (geboren 23 oktober 1979) was passagier op een snorscooter en raakte betrokken bij een verkeersongeval.
Letsel: gebroken been, hersenschudding, schaafwonden aan gezicht en schouder en een afgebroken stukje tand.
De cliënte was leerling gastvrouw in de horeca. De blijvende schouderklachten noodzaakten haar zich om te laten scholen naar een andere functie. Door het ongeval kwam zij twee jaar later dan gepland op de arbeidsmarkt. De cliënte leed dus een verlies aan verdienvermogen. Maar Centraal Beheer zag aanvankelijk geen enkel causaal verband. Zij kreeg een aanbod van € 2.000,00.
Letsel.nl heeft ‘met Apeldoorn gebeld’. De onderhandelingen die daaruit voortvloeiden, resulteerden in een schikking van € 35.000,00.
Bedrijfsongeval
Letsel: verbrijzelde voet
De cliënt (geboren 1954) las de folder van Letsel.nl en vroeg telefonisch of wij iets voor hem konden betekenen. Vijf jaar geleden wilde hij tijdens sloopwerkzaamheden via een trap naar beneden gaan. Maar een collega had deze trap niet verankerd.
Deze zaak zou na vijf jaar zijn verjaard. Uit onderzoek bleek, dat nog twee dagen resteerden voordat verjaring plaats zou vinden. Letsel.nl stuurde daarom op voorhand een aansprakelijkstelling aan de werkgever. Twee maanden later bleek, dat de verzekeraar van de werkgever niet bereid was om vrijwillig de aansprakelijkheid te erkennen. Letsel.nl besloot om een effectieve procedure te voeren voor de kantonrechter. Acht maanden later stelde die de aansprakelijkheid van de werkgever in rechte vast.
Axa werd voor de keus gesteld om de schade vervolgens binnen drie maanden met Letsel.nl te regelen. Als tussen beide partijen geen overeenstemming zou worden bereikt, was Letsel.nl voornemens om een schadestaatprocedure te starten.
- Axa koos voor de eerste optie. Het informatieve telefoontje van de cliënt leverde hem een uitkering op van € 98.000,00.
Dossier: 417.008
Meer praktijkvoorbeelden
Top pagina
|